Poëzie om te janken 2/2 – Anneke Brassinga

Deze blog had op 8 maart moeten verschijnen: Internationale Vrouwendag. Maar toen had ik andere zaken aan mijn hoofd en bovendien de Vrouw/Man-kwestie is iets voor álle dagen van het jaar. Het zijn onrustige dagen met ingewikkelde vraagstukken rond manzijn, vrouwzijn en genderneutraliteit. Ook in de poëzie.

Eerst was er de Amerikaanse versie, toen de versie voor mannen en daarna verscheen de editie voor vrouwen: de bloemlezing met ontroerende gedichten, gedichten die mannen of vrouwen aan het huilen maken. De Nederlandse verschenen allebei in 2015, dus u kunt weer rustig de boekenmarkten af om exemplaren te vinden. De titel met de huilende mannen valt net wat meer op, want mannen hebben de reputatie nooit en te nimmer een traan te willen laten, die voor de vrouwen verkocht vast beter want daar is een goedkope pocketeditie na gekomen. Het gedichten lezen gaat wat moeizaam in ons land, maar als een bekende man of vrouw er een verhaaltje bij vertelt, wordt het ineens wat meer hanteerbaar. De opzet van de vrouweneditie was vergelijkbaar met die van de mannen: hier kregen 100 vrouwen het verzoek en er reageerden er 61 (61% respons snel uitgerekend). Bij de mannen was dat 63 op de 150 (42%). De samenstelling van de vrouweneditie is gedaan door actrice en schrijfster Isa Hoes, maar hoeveel valt er samen te stellen aan een concept waar de teksten worden aangedragen door de respondenten? Maar dit terzijde, Isa maakt zich er niet simpel vanaf: er is een voorwoord én een nawoord. Bovendien heeft haar naam er vast toe bijgedragen dat de respons sterker was.

Mannen kiezen geen vrouwen

Nu we toch over geslachtszaken praten, is er de brandende vraag: genieten vrouwen meer van gedichten die ook door vrouwen zijn geschreven? Laten we eens kijken of we daar meer over te weten kunnen komen. De 62 ingezonden gedichten (Isa doet zelf ook mee) zijn geschreven door 59 dichters, want sommige dichters zijn twee keer gekozen (natuurlijk met een ander gedicht, daar heeft de samensteller voor gezorgd): Anna Enquist, Ankie Peypers en Hans Lodeizen. Drie dames hebben een gedicht ingebracht dat door een bekende of geliefde is gemaakt, zo citeert Lola Brood haar vader Herman. Bijzonder! Van de 59 dichters zijn er 15 vrouw, zeg maar een kwart. Ter vergelijking met de manneneditie: van de 51 dichters zijn er 3 vrouw, nog niet eens 6%! Oei, wat is hier aan de hand?

Maar er zijn toch ook veel minder vrouwelijke dichters dan mannelijke, toch? Laten we iets zoeken ter verdediging van de schokkende feiten. In de bloemlezing van Pfeijffer is 18% van de dichters vrouw. Die bloemlezing gaat vooral over dichters uit de vorige eeuw en toen publiceerden mannen wellicht meer dan vrouwen. De laatste jaren gaat dat niet meer op. Kijken we naar de jongste generatie dan bekijken we gewoon de twintig dichters waar Pfeijffer zijn bloemlezing mee afsluit. Dit zijn de geboortejaren (met als allerjongste Hannah van Binsbergen) en hun sexe:

Geboortejaar Geslacht
1993 V
1991 V
1991 V
1990 M
1990 V
1989 V
1988 V
1988 M
1988 M
1988 M
1988 M
1987 M
1987 M
1987 V
1987 M
1984 V
1984 V
1983 M
1983 V
1982 V

Elf van de twintig is vrouw, dus dat belooft een fraaiere verdeling in de toekomst. Ik heb even gekeken naar de dichters bij de twee poëziefestivals waar ik was in 2017. Bij het Deventer Tuinfeest waren er 13 vrouwen en 18 mannen. Niet heel slecht, maar kan beter. Bij de Nacht van de Poëzie telde ik acht vrouwen op elf mannen. De trend is positief, laten we het daarop houden.

Pfeijffer zonder mannen

En als we nu eens alle mannen uit de felgroene bloemlezing met mus scheuren, hoe staat het dan met top van de dichters? Wie heeft de meeste gedichten toegewezen gekregen van de man die zo vaak schrijft best vrouw te willen zijn, Ilja Leonard Pfeijffer? Ook daar is een overzicht van te maken!

Naam dichter Nationaliteit Aantal Status
Schmidt, Annie M.G. NL 12 Overleden
Peypers, Ankie NL 10 Overleden
Lampe, Astrid NL 9 Springlevend
Roland Holst-van der Schaik, Henriette NL 9 Overleden
Min, Neeltje Maria NL 8 Springlevend
Vegter, Anne NL 8 Springlevend
Waals, Jacqueline E. van der NL 8 Overleden
Brassinga, Anneke NL 7 Springlevend
Enquist, Anna NL 7 Springlevend
Gerlach, Eva NL 7 Springlevend
Jansma, Esther NL 7 Springlevend
Perquin, Ester Naomi NL 7 Springlevend
Vasalis, M. NL 7 Overleden
Deckwitz, Ellen NL 6 Springlevend
Gerhardt, Ida NL 6 Overleden
Jong, Saskia de NL 6 Springlevend
Hee, Miriam van B 5 Springlevend
Janssen, Sasja NL 5 Springlevend
Marsman, Lieke NL 5 Springlevend
Michaelis, Hanny NL 5 Overleden
Peeters, Hagar NL 5 Springlevend
Vanhauwaert, Maud B 5 Springlevend
Wuck, Kira NL 5 Springlevend

De top 23 in Pfeijffer 2016 van vrouwen die met tenminste vijf gedichten voorkomen. Met Annie aan de top. In heel Europa is er niemand zoals zij!

Ketelbinkie of As?

Actrice en schrijfster Marjan Berk heeft ook op de oproep gereageerd van Isa Hoes. Zij twijfelde tussen de tekst van ‘Ketelbinkie’, tranentrekker bij uitstek, of het gedicht ‘As’ van Anneke Brassinga. De eerste tekst gaat over een jong Rotterdams jochie dat voor het eerst mee gaat varen en daar alleen ellende ervaart: zeeziekte, ziekte en dood.

“In zeildoek en met roosterbaren
Werd hij dien dag op het luik gezet
De kapitein lichtte z’n petje
En sprak met grogstem een gebed

En met een een, twee, drie in Godsnaam
ging het ketelbinkie overboord
Die het ouwetje niet dorst te zoenen
Omdat dat niet bij zeelui hoort.”

Anneke Brassinga draagt voor tijdens de Nacht van de Poëzie in 2015.

Dood op zee, betekent een zeemansgraf, waarbij het stoffelijk overschot van een plank glijdt, de golven in. Weinig hoop biedt dit lied, echt een lied om onbedaarlijk bij te huilen of je nu man of vrouw bent. Maar toch kiest Marjan Berk voor het gedicht ‘As’ van Anneke Brassinga omdat zij de tekst van dat gedicht “vele malen doeltreffender” vindt: “Daarom viel ik als een blok voor mijn uitgekozen vers ‘As’. Hoe precies is haar overzicht van wat ons in dit leven te wachten staat, met keiharde conclusie en goeie grap aan het eind, daar ga ik voor.”

Het gedicht ‘As’ komt uit de vierde bundel van Brassinga, getiteld Zeemeeuw in boomvork uit 1994. De gedichten van Anneke Brassinga zijn niet snel te doorgronden, daarvoor moet je wat tijd nemen. In 2015 ontving zij de P.C. Hooftprijs en de jury motiveerde dat aldus: Wie gedichten van Anneke Brassinga leest, stapt binnen in een geestverruimend heelal van taal. In elk gedicht openen zich onvermoede vergezichten van zeggingskracht. De taal wordt omgekeerd, uitgekleed en weer opnieuw uitgedost totdat alle registers die er ooit in voorgekomen zijn weer meedoen. Deze dichter is werkelijk overal geweest, in talloze literaturen, tradities en milieus, van academie tot markt, straat en kroeg. Met kennelijk genot (her)gebruikt Brassinga bijna vergeten of in onbruik geraakte woorden, die in haar gedichten opnieuw worden geproefd en gesmaakt. De liefde voor de onuitputtelijke mogelijkheden van taal in poëzie is de constante van haar werk.

Dat veelzijdige zien we ook in het gedicht ‘As’: dichterlijke taal over tijd en ruimte en dan opeens een verwijzing naar de volkse uitdrukking ‘As is verbrande turf’ waarbij ‘as’ een verbastering is van ‘als’ en waarmee wordt bedoeld: als we het anders hadden gedaan, was het beter uitgepakt. Zinloze alternatieve scenario’s worden weggevaagd met een dooddoener:
– “Als we eerder weg waren gegaan, waren we wél op tijd geweest…”
– “As is verbrande turf… ”

Bij de gedichten van Anneke Brassinga hoort aandacht voor het muzikale. Er zit veel stafrijm en binnenrijm in haar gedichten: tijd, afscheid, nabijheid, destijds, tapijt. En ook: voorloopt, vliegend, verbrand. Subtiel, het valt bijna niet op. In ‘As’ zien we allerlei associaties met tijd en tijdsverloop en daarmee met het leven. Zoals Marjan Berk het zegt, ik herhaal het citaat: “Hoe precies is haar overzicht van wat ons in dit leven te wachten staat, met keiharde conclusie en goeie grap aan het eind, daar ga ik voor.”

As

Als ruimte is de tijd van afscheid naar terugkeer, als
tijd nadert nabijheid, alsnog op ons voorloopt,
als wij stilstaan bij elkaar, jij in winter- ik
in zomertijd, als ooit weer als destijds

als een vliegend tapijt de tijd
oprolt al die ruimte: as,
verbrande turf.

Anneke Brassinga

Advertenties