Red ons niet, wij zijn veilig

omslag-nachtegaal-02Uw reisleider door het Rijmrijk was er zélf bij: de prijsuitreiking van de Turinggedichtenwedstrid op 1 februari 2017. Zie het als een vorm van ‘embedded journalism’, met een kogelvrij vest en een bijpassende helm naar het front om verslag te doen van binnenuit, maar dan vredelievend en taalminnend. In 2016 startte de achtste editie van deze landelijke dichtwedstrijd die zijn faam voor een groot deel dankt aan de geldprijs van €10.000 voor het beste gedicht. Een bedrag dat je verderop in je loopbaan als dichter vermoedelijk nooit meer binnensleept. Zoals Jules Deelder achterop het poëziegeschenk van 2017, Rotterdamse kost, het stelt:
“Lang leve de dichter!”
“Waarvan?”
Tegen de 8000 gedichten zijn ingezonden, allemaal voorzien van €5,- ‘meedoebijdrage’… Mocht je winnen, dan kun je volgend jaar 2000 gedichten inzenden om opnieuw een kans te maken. De beoordeling gebeurt in twee ronden. Er wordt eerst een selectie gemaakt van de beste duizend gedichten en die duizend worden dan voorgelegd aan de steeds wisselende ‘vakjury’ onder voorzitterschap van de Dichter des Vaderlands. In dit geval was het Anne Vegter die deze officiële rol nog even mocht spelen. De beoordeling van alle gedichten gebeurt anoniem, dus het gebruik van een gevestigde naam heeft geen zin, het gedicht moet zelf het werk doen. Kansen voor gebundelden en ongebundelden.

Rode Hoed

winnaars-turingwedstrijd-2016Het was de derde keer dat uw reisleider een poging waagde in deze wedstrijd. Nu zelfs met de inzending van drie gedichten. Had ik de vorige keren de teleurstellende ervaring dat mijn verzen niet eens de top 1000 haalden, dit keer ging het aanzienlijk beter. Alledrie de gedichten in de top 1000 en één daarvan zelfs in de Top 100. En dat laatste maakt dat je uitgenodigd wordt voor de feestelijke avond waarop de drie beste worden aangewezen. Op een doordeweekse avond afreizen naar Amsterdam, naar De Rode Hoed. Een voormalige kerk aan de Keizersgracht maar bij mij beter bekend als de plek waar de beroemde programma’s van Sonja Barendt werden opgenomen. Ook andere VARA-programma’s en bij sommige daarvan was ik aanwezig in mijn toenmalige hoedanigheid als PR-medewerker voor de Vereniging van Arbeiders Radio Amateurs.

Het zou een latertje worden omdat het radioprogramma ‘Met het Oog op Morgen’ de uitslag zou gaan brengen en dat programma loopt van 23.00 tot 24.00 uur. ‘Guten Nacht Freunde’ zullen we maar zeggen. Het hele radioprogramma zou vanuit de Rode Hoed worden uitgezonden. Een grote tafel met microfoons in de zaal, een NOS-auto met een grote antenne op het dak voor de deur, zenuwachtig heen en weer lopende redactie- en productiemedewerkers, gasten die wat onthand binnen komen, het gebeurde allemaal voor de neus van het publiek, bestaande uit de dichters van de top 100 en hun gezelschap. Maar voordat het journaal van 23.00 begon was er eerst het literaire onderdeel.

Awater poëzieprijs

Onder leiding van presentatrice (én Neerlandica) Mieke van der Weij worden wat gedichten uit de top 100 gepresenteerd. Of de dichter komt zelf naar voren, of hij is gefilmd in zijn natuurlijke omgeving of een van de juryleden leest voor. Dan volgt de uitreiking van de jaarlijkse prijs van het poëzietijdschrift Awater uitgereikt. Die bestaat uit een gezellige (en unieke) koffiemok en een geldbedrag van €500 (staat gelijk aan honderd gedichten insturen voor de Turing gedichtenwedstrijd), waarmee vooral het symbolische karakter van de prijs wordt geïllustreerd. De prijs ging naar de dichtbundel Ontsnappingen van Eva Gerlach. Eva ontving de beker ingetogen als altijd en las één van de gedichten voor uit de bundel.

Eva Gerlach leest uit eigen werk. Op de achtergrond de muzikanten van het trio Kapok.

Dan komt de voorzitter van de jury naar voren. Anne Vegter, wiens taak als Dichter des Vaderlands nog maar net is overgenomen door Ester Naomi Perquin, leest het juryrapport voor. Tenminste, een deel daarvan, want het hoogtepunt wordt uitgesteld tot kwart voor middernacht. Ze stelt eerst even de leden van de jury voor van dit jaar: Akwasi, Spinvis, Maud Vanhauwaert en het enige permanente lid Françoise Geelen. Ze vertelt iets over het algemene niveau van de inzendingen (hoog) en mijmert wat over thema’s van nu. Ze vertelt dat de jury soms erg kon genieten van bepaalde fragmenten en zinnen die in de gedichten voorkomen. Zij citeert er een stuk of vijftien en verraadt dan dat van de winnende gedichten er ook zinnen te horen waren. Daarmee is voor een deel van de zaal de spanning verdwenen, zo ook bij uw Rijmrijkgids. Géén van de genoemde zinnen is terug te vinden in mijn top 100-gedicht. Maar gelukkig is het pauze en kunnen we de teleurstelling wegdrinken middels de consumptiebon die we ontvingen bij aanvang van de bijeenkomst.

Toch, nachtegaal, zing voort!

Als een geweldige troostprijs krijgen alle deelnemers een exemplaar van de bloemlezing met de 100 beste gedichten, met de titel geleend uit een gedicht van Boutens: Toch, nachtegaal, zing voort! Er liggen exemplaren te koop voor € 5,- in de ontvangstruimte en die vinden gretig aftrek. Gesorteerd op alfabetische volgorde waardoor de twee gedichten van de ‘bard van Brummen’ Laurens Hoevenaren voor het afsluitende gedicht van Kira Wuck staan. Nu kan ik als deelnemer ook zelf de afweging maken die de jury heeft gemaakt. Ik vind de winnende gedichten kundig maar mijn hart werd gestolen door het gedicht dat door de jonge dichter Pieter Olde Rikkert zelf werd voorgelezen. Twee meisjes is ongekunsteld, ongecompliceerde ervaringen in een gecompliceerde wereld met vreselijke ziekten en weglopende ouders. Er is een perspectiefwisseling tussen de titel en het gedicht. De titel is een observatie van buitenaf, de dichter ziet twee meisjes en daarvan krijgen we er eentje te spreken. Mooi gedicht dat wat mij betreft in de top 3 had mogen eindigen, maar de dichter is nog erg jang, dus hij heeft voldoende tijd voor herkansingen. Dat is wel mooi van de Turing gedichtenwedstrijd, het is een aanmoediging voor degene die hoog eindigen, het biedt een platform aan beginnend talent en werkt als een geurende worst voor debuterende dichters die wel eens een gokje willen wagen. We moeten wachten tot het najaar voor het weer zo ver is. Ik begin vast met dichten! Doe dat zelf ook, er ligt veel geld voor ons klaar.

Twee meisjes

er is een nieuw meisje in de klas dat kanker in haar hoofd heeft gehad. eerst was ze kaal
nu heeft ze een aureool van donshaartjes. ze noemt de kanker harry, naar haar vader

die ervandoor ging met de hondentrimster terwijl ze geen honden had. zelf heet ze minke.
ik vraag of dat afgeleid is van verminkt. we zijn overal ergens vanaf gegleden.

het litteken op haar hoofd lijkt op de rits van een etui. ik krijg zin om te tekenen.
m’n hoofd is nu gesloten, zegt ze, er kan nu niets meer in, maar op een dag breekt ie open

en komt harry terug. na school maken we zandkoekjes en ik vraag wat ze later wil worden.
harig en lesbisch, zegt ze. dat komt mooi uit, van dat lesbische, dus ik vraag of ik haar mag zoenen.

ze zegt jawel, maar vast alleen omdat ik net iets lelijker ben dan zij, en ze zegt
dat het nog besmettelijk kan zijn, de kanker, dan zoenen we. ze smaakt naar bami.

daarna schrijven we brieven: red ons niet, wij zijn veilig.
stoppen ze in flessen en wachten tot de zondvloed komt.

Pieter Olde Rikkert

Sheila Sitalsing leest het gedicht voor in de aanloop naar de uitreiking als een ‘favoriet gedicht’...

Advertenties