De Deleu-300 is de Quote-500 voor dichters

Deleu 01Een Quote-500 voor dichters! Het Nieuw Groot Verzenboek samengesteld door Jozef Deleu lijkt een onschuldige verzameling van gedichten die commentaar geven bij alle fasen van het leven, maar dat is het niet. Het is een goeddoordachte lijst met alleen de beste dichters in het Nederlandstalige taalgebied. Het is gewoon een keiharde hitlijst. Wie zijn best doet, kan door tellen en deduceren achterhalen wie eigenlijk de beste dichter van de laatste honderd jaar is! Blijf lezen. Ik heb daarom het Verzenboek omgedoopt tot de Deleu-300 in navolging van de Quote-500. Dat getal klopt niet helemaal omdat er 311 dichters voorkomen in de lijst. Maar er staan wel meer rekenfoutjes in het boek… Geeft niks, daar koop je hem niet voor!

Hoe ik weet dat het hier om een verkapte Top-40 gaat? Er zijn een paar aanwijzingen. Eén is de manier waarop dichters reageren die zichzelf terugvinden in de bundel. Ik citeer een Facebook-post van de Utrechtse dichter Ingmar Heytze (van 5 december) als hij via een plaatje laat zien dat hij het over dit Verzenboek heeft met 600 verzen: “Waarvan drie van mij. Trots.” Een tweede aanwijzing is dat er wordt gesproken over 600 gedichten, maar dat klopt niet. Het zijn er 601: zeshonderd-en-één. Dat komt omdat samensteller Jozef Deleu ook een gedicht van zichzelf heeft opgenomen en vanuit Vlaamse bescheidenheid niet mee wil dingen. Is in hem te prijzen, maar daarbij verraadt hij per ongeluk de ware intentie van deze bloemlezing.

De Top 10

Voorop gesteld: wie er in staat mag zich voortaan met recht Dichter noemen. Je doet mee. Je staat in de Canon van Nu! Ook als je met één gedicht voorkomt, hoor je wel bij de 300 beste dichters van dit moment en daar zitten ook nog dode dichters bij! Je hoort bij de 200 nog levende dichters uit Vlaanderen en Nederland die de moeite waard zijn om gelezen te worden. En deze bloemlezing wordt goed gelezen, laat ik het voorzichtiger formuleren, hij wordt goed verkocht.
Ik heb geteld hoeveel gedichten er per dichter in het Verzenboek zijn opgenomen. De dichter met de meeste plaatsingen kronen we hier en nu tot de beste dichter van de Lage Landen. Het was even tellen, maar hier is de Deleu-Top-Tien:

  • Claus, Hugo (11 gedichten)
  • Vasalis, M. (10 gedichten)
  • Nijhoff, Martinus (9 gedichten)
  • Andreus, Hans (8 gedichten)
  • Gruwez, Luuk (7 gedichten)
  • Bloem, J.C. (7 gedichten)
  • Woestijne, Karel van de (7 gedichten)
  • Nolens, Leonard (7 gedichten)
  • Kopland, Rutger (7 gedichten)
  • Vroman, Leo (7 gedichten)

Vier van de tien dichters komen uit Vlaanderen, één van de dichters is een dichteres en helaas zijn er nog maar twee van deze lijst in leven. De Top 4 is duidelijk, voor de rest zien we zes dichters die ex aequo op de vijfde plaats staan. Ik heb maar even een tabel gemaakt met het aantal dichters dat hoort bij het aantal plaatsingen. Ingmar Heytze met zijn drie gedichten ziet 25 collega’s naast zich in deze categorie. Ik leg mij geheel neer bij de autoriteit van de grote Jozef Deleu, maar zijn keuzes doen soms best een beetje pijn. Dichters die je hoog hebt (Lucebert) en die er met een bescheiden positie vanaf komen (2…). Aan de andere kant zijn grootheden als Andreus en Nijhoff ook als zodanig gezien, dat stemt dan weer tot tevredenheid.

Aantal gedichten per dichter Aantal dichters met het aantal
11 1
10 1
9 1
8 1
7 6
6 8
5 8
4 15
3 26
2 45
1 198

Meer statistiek

De 601 gedichten zijn geschreven door 311 dichters. Daarvan zijn er 105 overleden, dat is een derde van het geheel. De dichtkunst begint ook voor deze bloemlezing met het werk van Gezelle en Gorter. De jongste dichter is een dichteres, Lieke Marsman (geen familie) is geboren in 1990.
Hoewel de beste dichter een Belg is, postume felicitaties naar Hugo Claus, komen de Vlamingen er minder goed van af dan de Nederlanders. Haalt de kwaliteit van Vlaamse dichters niet het peil van die van de Nederlandse? Of zijn het er gewoon minder? Een vraag die ik graag wil voorleggen aan de samensteller. Ik toon hieronder een schema om het te bewijzen. Nieuwkomers in het taalgebied heb ik maar ingedeeld naar het land waar ze zich hebben gevestigd. Zo reken ik Rodaan Al Galidi bij de Belgen. Dat heeft de uitslag niet significant beïnvloed overigens.

Vlamingen 103 33%
Nederlanders 208 67%

Vrouwelijke dichters (zeggen we dan nog steeds dichteressen?) zijn zwaar in de minderheid. Ik zou verder moeten speuren en statistische cross-referenties moeten gaan doen om te kijken of dat komt door de oudere generatie. Ik vermoed dat er de laatste jaren poëziedames zijn bijgekomen.

Mannen 471 78%
Vrouwen 130 22%

 

Deleu 02Rijke geschiedenis

Waar het vroeger het Groot Verzenboek werd genoemd, heet de bloemlezing in de laatste druk ‘Nieuw Groot Verzenboek’ met als ondertitel ‘600 Gedichten over Leven, Liefde en Dood‘. Als Verzenboek bestaat de bloemlezing van Jozef Deleu al sinds 1976. Toen nog met 500 gedichten. Druk op druk is verschenen, het bleek zeer populair. Deleu heeft in de loop der jaren steeds nieuwe versies gemaakt. Dichters eruit, andere dichters erin. Zo kwamen er nieuwe versies uit in 1985, 1992, 1998 en 2004. Versie nummer zes stamt uit 2009 en dan durft men een uitbreiding aan: 555 gedichten staat op de omslag, maar of ze toen goed geteld hebben? In 2015 verschijnt dan de laatste versie met maar liefst 600 gedichten (met een bonusgedicht). Als ik de informatie van de uitgever mag geloven, moeten er meer dan 80.000 bundels over de toonbank zijn gegaan. Hoezo marginale kunstvorm?

In zeven hoofdstukken trekt het leven aan de lezers voorbij. De eerste, getiteld ‘Verwachting en geboorte. Vader en moeder’, kent 83 gedichten. We lezen daar gedichten met een hoog ‘ouder’-gehalte. In de titels komen we 24 keer moeder tegen en 19 keer een vader en dat alleen in het eerste hoofdstuk. Ook met de titel ‘Vader’ vinden we het het gedicht van de in 2002 overleden Vlaming Eddy van Vliet (score van 2 op de Deleu-index). Het staat op pagina 500 in het zesde hoofdstuk met de titel ‘Het grote leven. De vragen. De pijn’.
Het thema ‘Vader’ vormt een belangrijke basis in Van Vliets werk. Een hele bundel van zijn hand draagt de titel ‘Vader’. Daar zit een pijnlijke geschiedenis achter van een vader die het gezin plotsklaps verlaat. Het gedicht ‘Vader’ dat in Deleu’s bloemlezing staat, gaat echter meer over het verval, het afscheid nemen van iemand die dichtbij je staat. Qua vorm valt er niet veel over op te merken, Van Vliet heeft een vrije vorm gekozen. Het lijkt dat een incidenteel eindrijm (begeven, bedreven) eerder toevallig is dan gezocht. Vier strofen, drie met vier regels, één met twee.

VADER

Vader. Ontkleed je. Nu het nog kan.

Toon mij wat de tijd heeft aangericht
sinds wij samen in bad zaten en ik bewees
dat waterdruppels elkaar willen raken.

Schaam je niet. Wij hebben dezelfde structuur.
De benen, de rug, de nagels en de ontelbare gebaren.

Ik wil geen zevenentwintig jaar wachten
alvorens te zien hoe ouderdomsvlekken
zich verspreiden, de huid verslapt en
aderwanden het begeven.

Wijs mij wat er rest als de liefde
niet langer wordt bedreven.
Noem mij vrouwennamen en laat ons
berustend schateren.

Eddy van Vliet

Luister hoe de dichter het gedicht zelf voorleest [Mandelinck, 2005] via ‘De zomers van Watou’.

Advertenties